De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken.

Strikt noodzakelijke cookies
Deze cookies zijn strikt noodzakelijk om in de site te navigeren, of om te voorzien in door jou aangevraagde faciliteiten.
Functionaliteitscookies
Deze cookies verbeteren van de functionaliteit van de website door het opslaan van jouw voorkeuren.
Prestatiecookies
Deze cookies helpen om de prestaties van de website te verbeteren, waardoor een betere gebruikerservaring ontstaat.
Online surfgedrag gebaseerde reclame cookies
Deze cookies worden gebruikt om op de gebruiker op maat gemaakte reclame en andere informatie te tonen.

A tot Z (Weetjes)

Limburg boomt - Grove den

O dennenboom (Pinus): pijnbomen in Limburg

De combinatie van zon, zand en de geur van pijnbomen zorgt voor een mediterraan sfeertje in de Limburgse bossen. De dennen zijn er massaal aangeplant, maar met wisselend succes ...

Eerst wat wetenschappelijke info: de Latijnse naam van de den - of pijnboom - is Pinus. Vaak wordt dennenboom gebruikt voor zowat elke boom met naalden, maar dat klopt niet. De naalden van de den zijn relatief lang (meestal langer dan vijf cm) en staan meestal samen per twee, drie of vijf. Als de naalden toch apart staan, zou je hem kunnen verwarren met de (fijn)spar.

Den van het bos

De Pinus-familie bestaat uit verschillende soorten. De meest algemene in onze streek is de Pinus sylvestris, wat zoveel betekent als "den van het bos". Nochtans is deze vliegden of grove den een karakteristieke boom van de heide. Hij werd in de Kempische bossen aangeplant voor de vroegere mijnen.

Met zijn grillige vorm en reusachtige uiterlijk vormt hij ook sprookjesachtige silhouetten in Engelse parken. Onderaan is zijn bast donker, bovenaan wordt hij fel oranje.

Van Corsica tot Weymouth

Samen met de grove den werd ook de zeeden (Pinus pinaster) massaal aangeplant. In Frankrijk maakte deze soort furore omwille van terpentijn die van de hars gemaakt wordt. Enkele strenge winters maakten echter korte metten met de zeeden-aanplantingen. Verder vind je in de Limburgse bossen ook Corsicaanse den (Pinus nigra subspecies laricio) en in mindere mate Weymouthden (Pinus strobus).

De Corsicaanse den vormt kaarsrechte stammen: de droomboom voor de toenmalige houtvesters. De "cors" onderscheidt zich van de grove den door de donkere stam en de dubbel zo lange naalden.
De Weymouthden heeft dan weer een gladde schors en naalden die in bundels van vijf staan.

Het was Baron Jean-Louis de Villenfange de Vogelsanck, een gepassioneerd dendroloog, die de Weymouthden bij ons introduceerde. Helaas deelde een schimmelziekte, de Weymouth-dennenblaasroest (Cronartium ribicola), stevige klappen uit aan de Weymouthden en andere vijfnaaldige dennen.
Een schoolvoorbeeld van hoe parasieten geïntroduceerde uitheemse bomen, die zich hier niet optimaal thuis voelen, het eerst aantasten. In het arboretum in Bokrijk verdween in de jaren ’80 de hele collectie vijfnaaldigen.
Van de Weymouthden blijven vandaag slechts enkele verdwaalde exemplaren of bestanden over, bijvoorbeeld in het domein van Vogelsanck in Zolder.

"Speciallekes"

Wil je graag "speciallekes" zien? Ga dan in Domein Bokrijk eens op zoek naar de pekdennen (Pinus rigida) achter het arboretum, aan de cementen toren. Ook de koningsden, een grove den, was erg bepalend voor het groen in het domein.

Deze dikke reus met een omtrek van ongeveer drie meter waaide jammer genoeg om tijdens de Pukkelpopstorm van 2011. De boom blijft liggen en zorgt voor een thuis voor heel wat insecten en zwammen.